Darts spelregels: zo werkt 501

Darts lijkt simpel: drie pijlen gooien en zoveel mogelijk punten scoren. Maar wie een echte wedstrijd speelt, krijgt te maken met regels over uitgooien op een dubbel, "bust" gooien, legs en sets en wie er mag beginnen. Op deze pagina lees je de officiële spelregels van darts, met de nadruk op 501, de variant die op tv en in vrijwel alle competities wordt gespeeld. Zo weet je precies hoe een wedstrijd verloopt en wat er aan de oche wel en niet mag.
Het dartbord en de puntentelling
Een standaard dartbord is verdeeld in twintig segmenten, genummerd van 1 tot en met 20. De 20 staat bovenaan, met links de 5 en rechts de 1. Elk segment heeft verschillende zones:
- Single: de grote vlakken, die tellen voor het getal van het segment.
- Double: de smalle buitenring, die telt dubbel. Een dubbel 20 is dus 40 punten.
- Triple: de smalle binnenring, die telt driedubbel. Een triple 20 is 60 punten, de hoogste score met één pijl.
- Outer bull: de groene ring rond het midden, goed voor 25 punten.
- Bullseye: het rode middelpunt, goed voor 50 punten. De bull telt ook als dubbel 25.
Met drie pijlen is de hoogst mogelijke score 180: drie keer triple 20. Pijlen die buiten de dubbelring landen, van het bord vallen of terugstuiten, tellen niet.
Zo werkt 501
Bij 501 begint elke speler met 501 punten. Om de beurt gooien de spelers drie pijlen, en de score van die beurt wordt van hun resterende punten afgetrokken. Wie als eerste precies op nul uitkomt, wint de leg.
Uitgooien op een dubbel
De belangrijkste regel: je moet de leg afsluiten met een pijl in een dubbel of in de bullseye. Heb je bijvoorbeeld nog 40 over, dan moet je dubbel 20 gooien. Heb je 32 over, dan dubbel 16. Dat afsluiten heet uitgooien of de checkout. Welke combinaties je het beste kunt gebruiken, lees je op onze pagina over uitgooien in darts.
Bust: te veel gegooid
Gooi je meer dan je nog nodig hebt, of blijf je op 1 punt staan, dan is dat een bust. Ook als je op nul uitkomt zonder dat je laatste pijl een dubbel is, is het bust. De hele beurt telt dan niet, en je score gaat terug naar wat je had aan het begin van die beurt. Je kunt nooit op 1 eindigen, want er bestaat geen dubbel van een half punt.
Voorbeeld van een beurt
Je hebt nog 60 over. Je eerste pijl gaat in de single 20: je staat op 40. Je tweede pijl mist en landt in de single 5: je staat op 35, een oneven getal dat je niet in één dubbel kunt uitgooien. Je derde pijl gaat in de single 3: je staat op 32, de klassieke dubbel 16. Volgende beurt probeer je dubbel 16 te gooien.
Legs, sets en wedstrijden
Een wedstrijd bestaat uit meerdere legs. Er zijn twee gebruikelijke formats:
- Legs-format: de speler die als eerste een bepaald aantal legs wint, wint de wedstrijd. Bijvoorbeeld "best of 11 legs": wie als eerste zes legs wint.
- Sets-format: legs worden gegroepeerd in sets, meestal van vijf legs. Wie drie legs wint, wint de set, en wie als eerste een afgesproken aantal sets wint, wint de wedstrijd. Dit format wordt onder meer bij grote wereldkampioenschappen gebruikt.
In de regel begint om de beurt een andere speler een leg. Wie begint, heeft een klein voordeel, omdat hij als eerste kan uitgooien. Een leg winnen terwijl de tegenstander begon, heet een break.
Wie begint? Bullen
Voor het begin van een wedstrijd wordt vaak gebuld. Beide spelers gooien één pijl naar de bullseye. Wie het dichtst bij het midden gooit, mag kiezen of hij begint. Gooien beide spelers in de bull of de outer bull, dan wordt er volgens de meeste regels opnieuw gegooid, soms in omgekeerde volgorde. De precieze regels verschillen per organisatie.
Regels aan de oche
- Werplijn: je voeten mogen de werplijn niet overschrijden zolang je gooit. Naar voren leunen mag wel.
- Drie pijlen per beurt: je gooit maximaal drie pijlen. Een pijl die uit je hand valt en binnen bereik van de werplijn blijft liggen, mag je meestal opnieuw gooien.
- Pijlen pas na de beurt eruit: de score wordt geteld als alle drie de pijlen zijn gegooid en in het bord zitten. Pas daarna haal je ze eruit.
- Wat telt: alleen pijlen die in het bord blijven zitten, tellen. De score wordt bepaald door de plek waar de punt in het bord zit, niet door de schacht.
- Sportiviteit: leid je tegenstander niet af en ga niet in zijn zichtlijn staan terwijl hij gooit.
Hoe hoog het bord hangt en hoe ver de werplijn ligt, lees je op onze pagina over een dartbord ophangen.
Varianten: 301, 701 en double in
Naast 501 worden ook andere startscores gebruikt. 301 is korter en wordt vaak in kroegcompetities gespeeld, soms met de regel double in: je moet eerst een dubbel gooien voordat je score begint te tellen. 701 of hoger wordt soms bij teamwedstrijden gespeeld. Andere spellen, zoals Cricket of Around the Clock, hebben eigen regels. Je vindt ze op onze pagina over dartspellen.
Het gemiddelde
Bij darts wordt vaak gesproken over het gemiddelde: de gemiddelde score per beurt van drie pijlen. Een recreatieve speler gooit vaak tussen de 30 en 50 gemiddeld, sterke clubspelers zitten boven de 60, en topprofessionals halen gemiddelden van rond de 100 of hoger. Wil je jouw gemiddelde omhoog krijgen, bekijk dan onze dartoefeningen om je gemiddelde te verbeteren.
De perfecte leg: de negendarter
De snelste manier om een leg van 501 uit te gooien, is met negen pijlen. Dat heet een negendarter. De bekendste route is twee keer 180 gevolgd door een uitgooi van 141, bijvoorbeeld triple 20, triple 19 en dubbel 12. Een negendarter is in darts wat een hole-in-one is bij golf: zeldzaam, spectaculair en voor de meeste spelers een droom.
Scores bijhouden
In een wedstrijd houdt een schrijver of de tegenstander de score bij op een krijtbord of digitaal scorebord. Traditioneel worden de gegooide score en de resterende score genoteerd. Leer je aan om zelf snel te rekenen wat je nog over hebt; dat is in darts minstens zo belangrijk als goed gooien.
Veelgestelde vragen over de spelregels
Moet je bij darts altijd uitgooien op een dubbel?
Bij 501 in officiële wedstrijden wel. In vrijblijvende spelletjes thuis spreek je soms af dat elke uitgooi telt, maar dat is geen officiële regel.
Telt een pijl die terugstuit?
Nee. Een pijl die niet in het bord blijft zitten, telt niet. Bij de meeste regels mag je hem in dezelfde beurt ook niet opnieuw gooien.
Wat is de hoogste score in één beurt?
De hoogste score met drie pijlen is 180, door drie keer de triple 20 te gooien.
Back to home
